Uit het netwerk: Marieke van Bommel en Anna van Velzen werkten aan een agrarische thesaurus
Meer dan 500 termen voor historische landbouwobjecten uit Nederland en Vlaanderen zijn nu beschikbaar via het Termennetwerk.
Marieke van Bommel en Anna van Velzen
Agrarische roerende collecties in Nederland en Vlaanderen zijn versnipperd, soms in slechte staat en lang niet altijd goed geregistreerd. Dat signaleerde het Netwerk Landbouwcollecties een paar jaar geleden. Wat is de eerste stap om die collecties beter op de kaart te krijgen? Een thesaurus.
Erfgoed Gelderland pakte het op samen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), een aantal provinciale erfgoedhuizen en meerdere landbouwmusea. Marieke van Bommel (projectleider agrarisch erfgoed), Anna van Velzen (projectmedewerker digitaal erfgoed) en Frank Bergevoet (RCE) werkten het afgelopen jaar aan de Thesaurus Roerend Agrarisch Erfgoed: meer dan 500 termen voor historische landbouwwerktuigen, gereedschappen, voertuigen en gebruiksvoorwerpen die tot circa 1965 in gebruik waren in Nederland en Vlaanderen.
Waarom 1965?
‘Rond die periode nam de mechanisatie flink toe,’ vertelt Marieke. ‘Daarna werden de machines te groot en te nieuw om nog in een museum thuis te horen. Een bietenrooier bestaat al langer, maar wat wij beschrijven is de versie van vóór dat jaar.’ De thesaurus richt zich uitsluitend op objecten die de boer of boerin zelf gebruikte.
Keuzes maken
Een thesaurus opzetten is vooral veel keuzes maken. ‘We hebben geprobeerd het plat te houden, om niet te verzanden in eindeloze subcategorieën,’ zegt Anna. De termen zijn zo mogelijk verbonden aan andere thesauri zoals de Art & Architecture Thesaurus (AAT) en de Cultuurhistorische Thesaurus. Twee experts dachten mee: Bert Woestenborghs van het Centrum Agrarische Geschiedenis in Vlaanderen en Henk Dijkstra van het Fries Landbouwmuseum.
Bij elke term is geprobeerd zoveel mogelijk informatie mee te geven: een scope note (een beschrijving van het werktuig of object), een bronvermelding en waar mogelijk een afbeelding. ‘Vooral bij de technische machines helpt het enorm om even een plaatje te zien,’ zegt Marieke.
Workshops
Het maken van de thesaurus combineerden ze met workshops in Gelderland, Friesland en Zuid-Holland, vooral gericht op particuliere eigenaren en niet-geregistreerde musea met agrarische collecties. Met als doel om hen op weg te helpen met de objectregistratie. Marieke: ‘We zijn terug naar de basis gegaan. Wat is het nut van registreren? En hoe pak je objectfotografie aan?’
Vorkjesschudder
En wat bleef hangen nadat de thesaurus gereed was? ‘De veelzijdigheid van de menselijke vindingrijkheid. Voor elke taak is wel een machine bedacht,’ zegt Marieke. ‘Zo pakt een vorkjesschudder gemaaid gras op, keert het om en verspreidt het over het land om het te laten drogen.’
De RCE beheert de thesaurus voortaan. Mis je een term? ‘Die kun je indienen bij de RCE of Erfgoed Gelderland, zodat de thesaurus steeds completer wordt,’ besluit Anna.