Uit het netwerk: Wat Nederland en Italië van elkaar leren over digitaal erfgoed
Erfgoedprofessionals uit Nederland en Italië deelden in Rome hun ervaringen met digitale strategieën en samenwerking.
Het Colosseum in Rome, samen met Italiaanse collega's van de Digital Heritage Explorers
Op 19 juni ontving het Archivio di Stato di Roma erfgoedexperts uit Nederland en Italië voor de slotbijeenkomst van de Digital Heritage Explorers. Strategieën, digitale vernieuwing en het veilig bewaren van collecties stonden centraal.
Eerder hadden 60 Italiaanse collega’s Nederland bezocht, waarbij de Nationale Strategie Digitaal Erfgoed veel indruk maakte. Tijd om de kennisuitwisseling voort te zetten.
Twee landen, twee aanpakken
Eef Masson, het aanspreekpunt bij OCW voor de Nationale Strategie Digitaal Erfgoed en het Netwerk Digitaal Erfgoed, lichtte het Nederlandse digitaal erfgoedbeleid toe, verankerd in de Nationale Strategie en in provinciale strategieën. ‘In de uitwisseling is een stuk duidelijker geworden hoe verschillend de situatie in Italië en Nederland is.’
Italië is groots aan de slag gegaan. In 2022 kwam er 550 miljoen euro beschikbaar vanuit de Europese Recovery and Resilience Facility, in 2020 in het leven geroepen om de lidstaten te helpen ‘sterker uit de coronacrisis te komen’.
Het doel: 65 miljoen objecten digitaliseren in vijf jaar tijd. Daarnaast moest er een nieuwe nationale infrastructuur komen voor het verzamelen, beheren en behouden van digitale bronnen. De overheid trok de regie naar zich toe.
Nederland heeft elf jaar geleden een andere weg gekozen, legt Eef uit. ‘Meer “decentraal”: niet – direct – aan de overheid gelieerde partijen hebben een veel grotere rol, ook in het bepalen van de koers.’
‘Zo’n werkwijze kost meer tijd dan de vijf jaar die Italië heeft. Toch levert het samenwerkingsvormen op waar de Italiaanse deelnemers op deze dag met enig ontzag naar keken. Van de datawerkplaatsen tot het Netwerk Zuiderzeecollectie.’
Gratis ondersteuning maakt indruk
Nine Claassen, informatiespecialist erfgoeddata bij het Netwerk Digitaal Erfgoed, dook dieper in de Nederlandse aanpak rond ‘NDE-compatibel werken’, waarbij de vijf vinkjes de leidraad vormen. Van het gebruik van gestandaardiseerde termen tot delen van beeldmateriaal via IIIF.
De hulp die het erfgoedveld hierbij krijgt via de provinciale digitaal-erfgoed-coaches en de datacleaners vanuit de datawerkplaatsen kwam uiteraard ook aan bod.
De reacties uit de zaal? ‘Dat we in Nederland deze ondersteuning kosteloos kunnen aanbieden was voor de Italiaanse deelnemers heel bijzonder. Er werd zelfs gevraagd of het geen vrijwilligers waren en of we zoiets ook beschikbaar hadden voor Italiaanse erfgoedcollega’s!’
Archeologie voor iedereen
Maurice de Kleijn, digitale geo-erfgoedexpert vanuit de RCE, nam het publiek mee in de wereld van archeologische data. Twee systemen kwamen aan bod: ARCHIS voor professionals en PAN voor vrijwilligers. De archeologische waarderingskaart van Alkmaar diende als casus. Burgers werken hier actief mee aan hun lokale erfgoed.
‘De archeologie is van ons allen, niet alleen van professionals, maar ook van mensen die er wonen – geheel volgens de Faro-gedachte,’ benadrukte Maurice.’
Met een quick scan legde hij beide platformen langs de Nationale Strategie Digitaal Erfgoed-meetlat. De uitkomst? Ze voldoen nog niet volledig aan de vijf vinkjes die Nine eerder behandelde. Wel linked data, maar niet alles open (wat ook niet kan voor alle archeologische data), nog niets met IIIF en gestandaardiseerde termen dekken niet altijd de lading. ‘Toch helpt een Nationale Strategie data van vrijwilligers ook bruikbaar worden voor professionals.’
Mooie resultaten dankzij samenwerking
Shannon van Muijden, informatiespecialist bij het Rijksmuseum, vertelde onder andere over de samenwerking van erfgoedorganisaties binnen het Netwerk Zuiderzeecollectie. Zij deelde ervaringen uit haar tijd voordat zij bij het Rijksmuseum in dienst kwam.
‘De nadruk in dit netwerk ligt op hoe je succesvol een digitale transitie doormaakt met weinig budget: samenwerken en focussen op dingen die je gemakkelijk zelf kunt doen. Met URI’s – unieke webadressen voor bijvoorbeeld een digitaal object, persoon of plaats – zet je de eerste én eenvoudige stap naar linked data.’
Shannon liet het verschil zien tussen werken in een middelgrote instelling en werken in een grote instelling met veel budget, zoals zij nu doet. ‘Het Rijksmuseum kan een complete linked data infrastructuur bouwen, maar dat kost ook veel geld. Bij het Netwerk Zuiderzeecollectie zetten we met minder middelen ook de eerste stappen richting linked data en hielpen we meer dan tien musea hun data op te schonen.’
‘De concrete aanpak sprak medewerkers van kleinere en middelgrote instellingen aan. Ook de de aanpak van het Rijksmuseum met hoge resolutie beeldmateriaal in public domain/CC0-licenties vonden aanwezigen inspirerend.’
Cybersecurity als basis
Tot slot benadrukte Ernst van Velzen, onder andere informatiemanager bij Filmmuseum Eye, dat cybersecurity te belangrijk is om aan een ICT-afdeling over te laten. ‘Zorg dat dit onderwerp landt bij het bestuur van je organisatie.’
Hij legde een link met het Core Trust Seal, een internationaal keurmerk waarmee organisaties aangeven dat hun digitale archief voor de lange termijn veilig en betrouwbaar is. ‘Door met het Core Trust Seal aan de slag te gaan, maak je cybersecurity vast onderdeel van je strategie. Zo pak je het structureel aan, niet incidenteel.’
Ernst kreeg in een reactie een bevestiging dat cybersecurity dusdanig serieus is, dat archieven daar ook echt aandacht voor moeten gaan vragen.
Internationale samenwerking speelt hierbij een belangrijke rol. Volgens Ernst gaat het vooral om benchmarking: controleren of je aanpak klopt. ‘Kijk bij vergelijkbare instellingen hoe zij het doen. Samen bepaal je welke standaarden je gebruikt.’
Hij noemde als voorbeeld de metadatastandaarden die via FIAF, de internationale federatie van filmarchieven, in samenwerking met het veld worden vastgesteld. ‘Het gaat om het delen van expertise en standaarden.’
DICOLAB: Italiaans leerplatform ter inspiratie
De Nederlandse sprekers waren onder de indruk van DICOLAB, een grootschalig Italiaans opleidingsprogramma dat professionals in de cultuursector traint in digitale vaardigheden.
‘Wij hebben digitaal-erfgoed-coaches en datacleaners, maar een breed platform als DICOLAB zou voor het Nederlandse erfgoedveld ook interessant kunnen zijn,’ zegt Maurice.
Voor de Nederlandse sprekers was het congres een mooie eerste kennismaking met elkaar. ‘Deze dag was vooral een waardevolle uitwisseling tussen Nederland en Italië,’ besluit Shannon.
‘Ik hoop dat deze samenwerking een vervolg krijgt. We hebben dezelfde doelen: betere data, slim omgaan met budget en goed opgeleid personeel. We kunnen veel van elkaar leren.’