Uit het netwerk: collegagroep Linked data experts viert eerste jaar

De NDE-collegagroep Linked data experts bestaat een jaar en groeit nog steeds.

Portretfoto van Merel Geerlings en Sjors de Valk onder een rieten parasol voor een grote boom

Merel Geerlings en Sjors de Valk, vaste gezichten van de collegagroep Linked data experts. Foto: Nine Claassen

Rond de dertig mensen per sessie, een keer zelfs een wachtlijst. De collegagroep Linked data experts, onderdeel van het Netwerk Digitaal Erfgoed, bestaat sinds 2025 en de interesse om deel te nemen groeit nog steeds. Merel Geerlings, strategisch expert metadata bij Stadsarchief Amsterdam, en Sjors de Valk, softwareontwikkelaar, zijn twee vaste gezichten van de groep. Wat heeft het hen tot nu toe gebracht?

Experts onder elkaar

De groep richt zich op vraagstukken waar collega’s in het erfgoedveld in de praktijk tegenaan lopen: vraagstukken die niet eenvoudig op te lossen zijn en samenwerking vragen. Dat maakt de bijeenkomsten al snel inhoudelijk. De groep bestaat dan ook uit mensen die dagelijks met linked data werken.

Volle zalen en een wachtlijst

‘Het aantal deelnemers per sessie is zo rond de dertig,’ vertelt Merel. ‘We hebben een keer zelfs een wachtlijst moeten hanteren omdat de groep niet in de gereserveerde ruimte paste. De behoefte aan verdieping is groot.’

Sjors is blij met de hoge opkomst. ’Veel mensen zijn bij elke bijeenkomst aanwezig, of zo vaak mogelijk. Die vastigheid zorgt voor een gemeenschap, een groep van collega’s. Dat maakt het makkelijker om met elkaar in gesprek te gaan.’

Breed gezelschap

De deelnemers komen uit musea, bibliotheken, archieven en onderzoeksinstellingen, maar ook medewerkers van bedrijven en zelfstandigen doen mee. ‘Qua inhoudelijke, technische en infrastructurele vraagstukken is er een gemene deler,’ zegt Merel.

Sjors beaamt dat. ‘De inhoud van de data verschilt per organisatie, maar de uitdagingen en de oplossingen overlappen sterk. Als je erfgoeddata echt toegankelijk wilt maken voor gebruikers, moet je als erfgoedorganisatie en softwareleverancier verder kijken dan je eigen organisatie en werken aan gedeelde oplossingen.’

Hij herinnert zich een uitspraak van een aanwezige die hem is bijgebleven. ‘Wees niet eigenwijs. Doe het niet op je eigen manier, hoe goed bedoeld ook, maar sluit aan bij standaarden en volg best practices.’

Een rode draad voor dit jaar

Het afgelopen jaar verkende de groep uiteenlopende onderwerpen, van abstract, zoals de interoperabiliteit van linked data, tot concreet, zoals het gebruik van linked data door afnemers.

Voor dit jaar bedacht de groep een kapstok: de ‘linked data stack’. Simpel gezegd is dat een overzicht van alle technologieën en standaarden die je nodig hebt om linked data goed te laten werken, van bron tot publiekstoepassingen met verbonden erfgoed. De agenda wordt per sessie ingevuld, vraaggestuurd. ‘We werken niet een jaar vooruit,’ legt Merel uit. ‘Zo kunnen we snel inspelen op ontwikkelingen en behoeftes.’

Wat zijn triple stores eigenlijk?

Op de bijeenkomst van 24 maart zoomde de groep in op triple stores: een speciaal soort database voor het opslaan van linked data. Welke voorbeelden zijn er in het veld? Voor Merel sloot het onderwerp direct aan bij haar dagelijkse werkpraktijk. ‘Mijn organisatie, Stadsarchief Amsterdam, wil graag een triple store, om ook een SPARQL-endpoint te hebben voor eigen gebruik en voor externe gebruikers.’ Met zo’n endpoint kun je de database doorzoeken met complexe zoekopdrachten. ‘Het was mooi om voorbeelden en toepassingen te zien.’

Wat het jaar bracht

Merel: ‘Het is een groep waarin ik kan toetsen of de dingen waar mijn organisatie tegenaan loopt breder leven. Het is inspirerend om te horen waar anderen mee bezig zijn, wat wel en niet goed werkt. Vooral dat je de samenwerking moet zoeken, want anders zit iedereen het wiel zelf uit te vinden.’

Sjors neemt iets anders mee. Hij is niet meer in dienst bij een erfgoedorganisatie, maar leverancier geworden. ‘Ik vind het mooi om te zien dat ook medewerkers van andere leveranciers zich hebben aangesloten bij de collegagroep. Niet alleen om kennis te delen, maar ook om te leren: zij weten ook niet alles van linked data. Zo’n open houding helpt om samen verder te komen.’

Minder auditorium, meer kroeg

Sjors benadrukt dat de groep de bijeenkomsten bewust informeel houdt. ‘We doen ons best om de bijeenkomsten zelfs wat rommelig te houden. Het komt het groepsgevoel, hoop ik, ten goede.’ Met een knipoog: ‘Misschien moeten we onze bijeenkomsten ook minder vaak houden in keurige auditoria bij erfgoedorganisaties en meer in schimmige zaaltjes van kroegen.’